Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

476

INENTING TEGEN WATERPOKKEN.

Overigens is er nog één redmiddel, het Duitsche, dat de Staat als verzekeraar optreedt; maar tot zoo iets zal men in de Vereenigde Staten niet licht overgaan. B.

Inenting tegen waterpokken.

Waterpokken zijn in den regel onschadelijk en worden daardoor niet veel geteld. Toch zijn er uitzonderingen, die vooral schijnen voor te komen in gestichten, waar vele kleine kinderen bijeen zijn. Men kan er door geschonden worden, wondkoorts, nierziekten en longontsteking kunnen er het gevolg van zijn. Daarom werd, blijkens een bericht in de Berlijnsche Klinische Wochenschrift No. 45 door D r. Kling in het Kinderziekenhuis te Stockholm beproefd, met de stof uit een waterpok nog niet aangetaste kinderen in te enten. Naar het schijnt, heeft men zeer goede uitkomsten verkregen, want terwijl van de niet ingeente kinderen twee derden besmet werden, werd van de dertig ingeënten slechts één aangetast.

De pokken kwamen in de meeste gevallen op, maar de kinderen hadden er doorgaans niets geen hinder van, slechts een enkele had een lichte koorts. Ook werden kinderen ingeënt, die korten tijd te voren met zichtbaar succes tegen de gewone pokken waren ingeënt en ziet, ook bij deze kwamen de waterpokken op.

Hieruit zou kunnen worden afgeleid, dat waterpokken en andere pokken alleen door de namen verwant zijn en door verschillende microsomen worden voortgebracht. Ten slotte is het misschien niet overbodig er aan te herinneren, dat men, voordat de koepok-inenting bekend was, tegen gewone pokken op dezelfde wijze inentte als nu voor de waterpokken vermeld, en dat men deze wijze van inenten heeft moeten verbieden wegens de noodlottige gevolgen, die er nu en dan aan verbonden waren.

Het komt dus geenszins zeker voor, dat het bovenbeschreven inenten geheel gevaarloos is, en het zal misschien wenschelijk zijn dat er een andere Jenner opstaat, die voor de hypothetische Microsoma varicelli bij een of ander dier een inentingsbodem vindt, waarop zij genoeg verzwakt wordt, om haar daarna geheel zonder gevaar op kinderen te kunnen overbrengen. B.

Sluiten