Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TWEEDE HOOFDSTUK.

DE HISTORISCH MATERIALISTISCHE

MAATSCHAPPIJLEER- l)

Het grondprobleem der marxistische opvatting.

Een tweede hoofdbeginsel dat ligt opgesloten ba het door Marx in algemeenen zin omschreven fundament van zijn systeem is, dat hij het monistisch materialisme uitbreidt van het individu op dtgemeenschap: zooals de mensch als zichtbaar verschijnsel alleen uitgangspunt kan zijn voor een wetenschappelijke behandeling van het individueele geestelijk leven, zoo is de ontwikkeling der stoffelijke produkie, als voorwaarde voor de bestaansmogelijkheid van den stoffelijken mensch, de eenige werkelijke grondslag van alle maatschappelijk leven en daarom van alle werkelijke geschiedenis. 2)

Het metaphysisch monistisch materialisme verklaart het geheel der bewustzbusverschijnselen, het persoonlijk geestelijk leven, uit het stoffelijke menschelijk „zijn" als primair gegeven, het historisch monistisch materialisme verklaart het maatschappelijk geestesleven, welks object slechts een zeer onwezenlijk bestaan kan voeren, naar vorm en inhoud uit en bepaald door de maatschappelijke produktiever hou dingen ats

') Er bestond aanleiding te spreken van „de sociaal (materialistische mu it< schappijleer": de overweging echter, dat de qualificatie „historisch materialisme'' burgerrecht verkregen heeft, was reden mij bij de bestaande terminologie aan te sluiten; in den tekst zal men echter somtijds de (benamingen sociaal en historisch materialisme door elkaar gebruikt vinden.

2) Met Masaryk komt ook mij het metaphysisch en (psychologisch materialisme onjuist voor; hoe hij echter kan verklaren, „den historischen Materialismus nicht so ganz und gar ab zu wedsen", is mij onbegrijpelijk, en wauneer hij schrijft, dat „der historische MateriaOismus enthalt eünige ganz •riohtige und berechtigte Elemente", geloof ik, dat hij geen juist inzicht in de allee omvattende beteekenis en strekking heeft van het historisch materialisme als aan de natuurwetenschap georiënteerde levens- en wereldbeschouwing (blz. 92).

80

Sluiten