Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bespreking van de meening van Treub op hare plaats, volgens wien, op grond van deze omschrijving door Marx van den menschelijken arbeid, aangetoond zou zijn, dat „bij allen menschehjken arbeid derhalve het geestelijk element primair, het lichamelijke, materieele secundair is. Zelfs bij den schijnbaar bloot liehamehjken arbeid gaat het ideëele doel steeds aan de Hchamelijke beweging vooraf". *)

Het komt mij voor, dat Treub, wanneer hij naar aanleiding van deze gevolgtrekking schrijft, dat „Marx door deze gedachte met zijn materialisme op gespannen voet zou zijn gekomen," niet blijft binnen de groote lijnen van het betoog van Het Kapitaal: al is het waar, dat de mdividueele mensch, wanneer hij zich tot arbeid zet, het te bereiken resultaat zich reeds in zün geest voorgesteld heeft, het geheele. doel van zün arbeid is hem, ook in den vorm waar in het zich openbaren zal, door den stand der productieverhoudingen a priori reeds in zjjn hoofd, in zün gedachten, en dus van buitenaf, ingeprent. Deze productieverhoudingen ontwikkelen zich nl. onafhankelijk van 's menschen wil als een natuurproces, en binnen het raam van deze maatschappehjke ontwikkelingsperiode vormen zich de denkbeelden der menschen — of liever worden deze gevormd — omtrent de wüze, waarop in de productie en in de reproductie des werkehjken levens moet worden voorzien; om een vergehjking te maken is het hier dus als met de Hegeliaansche opvatting: die Menschheit bedürfte des Schiesspulvers, und sobald war es da. Bü Marx is het niet de menschehjke geest, maar de productieverhouding, die als primair moet worden beschouwd.2)

Binnen de groote Innen van dit algemeen, maatschappelijk vervormingsproces bezint de menschehjke geest zich over de meest doelmatige wüze, waarop het arbeidsproces zal worden ingericht; bedenkt men nu, dat „niet wat, maar hoe gemaakt wordt, met welke arbeidsmiddelen, de economische tijdperken onderscheidt", en dat, naar analogie van de zelfbeweging van het begrip, voor Marx juist de zelfbeweging der materie, zich openbarende als

') Het .wijsgeerig ecoiiomisch stelsel van Karl Marx, I, blz. 124. *) Men •vergelijke hierbij het voorwoord bij Zur Kritik:

„Daher stellt sich die Menschheit immer nur Aufgaben, die sie lösen kann, denn genauer betrachtet, wird sich stets finden, dasz die Aufgabe selbst nur entspringt, wo die materiellen Bedingungen ihrer Lösung schon vorhanden oder wenigstens im Prozesz ihr es Werdens begriffen sind."

133

Sluiten