Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

174

AMAZONE.

— Een cent, zei Marciana ironisch, is ook geld, maar een keizersmunt toch anders.

— Daar komt toch veel idee bij, herhaalde Ada.

— Idee — idee is ook iets, zei de schilder, daarmee idealiseert men en bouwt het oude leven weder op.

— Schooner dan het was in werkelijkheid — wij weten niet hoe veel verdriet, en vuil, en verveling er toen was, in die geprezen oudheid.

— Waarschijnlijk, zei de oude heer, — maar daarmee hebben wij niet van noode; Horatius zelf idealiseert den ouden tijd en spaart aan den zijne den spot niet van zijne satyre.

— En de zijne is juist de tijd dien wij nu zoo verheerlijken.

— De afstand, Ada, de afstand; die geeft het juiste gezicht en doet het storende en onbeduidende wegvallen. Maar Horatius was geen melancholieke pruttelaar tegen zijnen tijd, hij was een voorbeeld van levenswijsheid; en was er iets bitters, dan zeide hij; temper het bittere met zachten lach.

— Hij had ook kunnen zeggen: temper het zachte met bitteren lach, zei Marciana.

De oude Horatianer zag haar aan en schudde het hoofd.

— Een booze leer, mijn kind, de weg tot pessimisme en nihilisme.

— De eenige om zijn zelfbezit en zijn vroolijkheid tegen de wereld te handhaven, hernam zij, vroolijk lachend. Hoe zag Horatius er toch uit?

— Een klein vrij gezet man met kort zwart haar

Sluiten