Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOE GINGEN WIJ SAMEN DIEN OCHTEND.

Hoe gingen wij samen dien ochtend den eenzamen weg door de duinen

en hoorden op winden gedragen van verre het bruisen der Noordzee.

De rokken gespreid zaten vrouwen in delling de netten te boeten.

De krekels sjirpten in 't hellem.

In 't blauw zwenkten zilveren meeuwen.

Uit schaarhout, van zongoud doorschoten, klonk lustig het lied van den merel.

En als wel uit kleur-zwoele droomen we ontwaken ten nuchteren uchtend,

Zoo doemde aan het eind van dien duinweg de voorste huizen der groot-stad.

Sluiten