Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het verstand weet met de zich in de overeenkomst uitende tegenstrijdigheid geen raad. De tegenstrijdigheid, welke in den gemeenschappelijken contractswil ligt, is het volledigst bij de wederkeerige overeenkomst (ruil, koop etc), want de relatie van de willen der twee partijen houdt deze spanning in, dat elk van beide partijen met zijn eigen wil iets anders dus niet-hetzelfde wil als zijn tegenpartij, en dat ze tevens toch hetzelfde willen. Bolland heeft gezegd, dat de wederkeerige overeenkomst de eenheid is van vervreemdend aanvaarden en aanvaardend vervreemden in dubbele tegenstrijdigheid. Vervreemding door eene partij van haar zaak heeft alleen zin, als meteen de andere aanvaardt. Bij de wederkeerige overeenkomst geschiedt echter bovendien de vervreemding van de eene zaak onder voorwaarde van aanvaarding van de andere zaak, et versa vice. Ten aanzien van de twee zaken willen partijen niet-hetzelfde, want de eene partij wil de zaak a vervreemden en de zaak b verkrijgen, terwijl de andere partij de zaak b wil vervreemden en de zaak a wil verkrijgen. Maar de partijen willen tevens van elkaar, dat de eene partij wil, wat de andere wil; zij willen de aan elkaar tegengestelde willen laten gelden, en zoo willen zij hetzelfde, n.1. den gemeenschappelijken wil. Met eigen wil en met den wil van den ander, dus als gemeenschappelijke wil, wil ieder der partijen ophouden eigenaar te zijn, eigenaar blijven en eigenaar worden. Ieder der partijen wil den eigendom van „eigen" zaak opgeven en eigendom van de zaak van de „andere" partij verwerven, en het eene alleen inzooverre het andere geschiedt, opdat iedere partij eigenaar blijve van... de waarde der zaak (of zaken)1).

Wat bij wederkeerige overeenkomsten ieder der partijen, als eigenaar blijvend, behoudt, is de waarde, waarin de twee zaken gelijk zijn; de waarde onderscheidt zich van de zaken, inzooverre deze kwalitatief verschillen, maar kwantitatief in de waarde één zijn. De waarde der zaak, de zaak als waarde, is de opgehevenheid der zddk, zakelijke opgehevenheid, opgehevenheid als zaak. De waarde, als opgeheven zaak, is thans (d. i. in het hierboven gegeven verband) de ware zaak2). Zoo wordt en is de waarde als kwantitatieve eenheid van de kwalitatief verschillende zaken, wezenlijk de kwaliteit, de wezenlijke kwaliteit der zaak. Deze wezenlijke

») Cf. Hegel, §§ 74, 77 en 63 -\- Zusatz.

*) Hegel, Ene. § 494 en Rph. § 77: „die allgemeine Sache".

Sluiten