Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nen, die aan het bestaan van een volkenrecht gelooven. Doch in elk geval geldt het hier een eisch van „selfrespect" voor de betrokken partijen.

Onafhankelijk van deze quaestie kan, zooals wij vermeenen te hebben aangetoond in het eerste gedeelte van dit artikel, worden gezegd, dat het verdrag van 1896, als zijnde voor Nederland zeer ongunstig, onzerzijds herziening vereischt. Bij de desbetreffende stappen, door Nederland te doen, zal kunnen worden gebruik gemaakt van de bevoegdheid in art. 12 aan partijen toegekend, in de volgende bewoordingen: „Mocht een der contracteerende Staten een verandering of de opheffing der overeenkomst wenschen, zoo kan hij hiervan op den ïen April van ieder jaar mededeeling doen."

BIJLAGE II.

DE EEMS-KWESTIE, door prof. J. F. Niermeyer.) Met tóestemming van schrijver en redactie overgedrukt uit „De Telegraaf" van 17 Juli 1917, avondblad.

Nederland heeft in den loop zijner geschiedenis vele grensgeschillen uit te vechten gehad; maar het thans levend geslacht heeft de beslechting van zulke geschillen alleen gekend in de koloniën: Suriname, Borneo, Timor. In het moederland, zoo pleegt men te meenen, is van grensmoeilijkheden geen sprake sedert wij met Pruisen, Hannover en België de tractaten sloten van Aken in 1816, Meppen in 1824, en Maastricht in 1843. Wel hadden sinds dien enkele microscopische grenswijzigingen plaats, maar die geschiedden volkomen in der minne.

Het zal daarom velen verwonderen, te vernemen, dat tusschen Nederland en Pruisen verreweg de belangrijkste grenskwestie bestaat, die in gansch Europa is te vinden. Of, als men wil, vóór 1914 was te vinden; gesteld, dat iemand de dingen, waarom het in dezen oorlog gaat, grenskwesties zou willen noemen.

Men weet nauwelijks, waarover zich meer te verbazen: over het feit, dat dit grensgeschil meer dan een eeuw lang, van het Weener Congres af gerekend, onbeslecht moest blijven door onwil van Duitsche zijde; dan wel over het geval, dat niemand er over spreekt en bijna geheel Nederland van het bestaan dezer kwestie volslagen onkundig is.

Reeds hebben wij enkele malen op de Eems-kwestie ge-

Sluiten