Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VII.

De latere periode. Val der Princes. Karakteristiek van de Cour de Sceaux.

Toen de plannen mislukten, de princes na de ontdekking der samenzwering tegen den Regent vervallen was verklaard van hare prerogatieven en in de gevangenis geworpen, stierf de eerste, schitterende periode van de Cour de Sceaux. Maar na deĀ« terugkeer der hertogin uit de gevangenis, was hare natuur niet gelouterd. Zij bleef de trotsche, levensdranken, hoovaardige vrouw, en hare koortsachtige verbeelding en zelfingenomenheid waren in geen enkel opzicht getemperd. Op haar zeventigste jaar vond zij zichzelf nog jong, en nooit is iemand met prachtiger naieviteit godin en herderin geweest dan de Duchesse du Maine.

De geest van haar salon was als die der gastvrouw: een geest van grenzelooze hoovaardij. Men waande zich boven de gewone stervelingen, men achtte zich halfgoden, en schroomde niet, daar bij sommige gelegenheden voor uit te komen.

Wij hebben gelegenheid dit luisterrijkste van alle Fransche salons te beschouwen in zijn cultureel verband. Het vormt "niet alleen naar de tijdrekening (1700-1750) een overgang tusschen de 17e en 18e eeuwsche salons, maar ook naar zijn wezen. De zeventiende eeuw vervloeit in de achttiende, in dit milieu van muziek en bloemen en zwierige levensgewoonten. Wij vinden in de Cour de Sceaux verschillende eigenschappen terug van de salons der 17e eeuw. Maar in de Cour de Sceaux heeft alles uiterlijk grooter afmetingen, stouter allures, onstuimiger levensdrang, immenser schittering. Er heerscht een leven van meer beweeglijkheid, grooter vertoon, maar er is frivoler belangstelling voor kleinigheden. De drijfveer is ijdelheid, en als de grootste geesten van den tijd in dit weidsch paleis binnentreden, dan is dit van de zijde der gastvrouw een haken naar macht en

Sluiten