Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OPVARENDEN

arbitrator. — o. als tusschenpersoon tusschen: to act as an intermediary (= as an agent) between. — tegen iemand o.: to take action against a person. opvarenden: crew.

opvatten: een plan o.: to conceive a plan. — iets verkeerd o.: to misunderstand (= to misinterpret) something.

opvatting van een zaak: view of a matter. — een o. deelen: to endorse a view.

opvijzelen: goederen o.: to puff goods.

opvoeren: een prijs o.: to put up a price.

opvorderbaar: dadelijk o : on call; repayable at call. — zonder aanzegging o.: at call.

opvraagbaar: zie: opvorderbaar.

opvragen: geld o : to withdraw money. — zijn deposito bij de bank o.: to withdraw one's deposit-account from the bank. — zijn tegoed o.: to withdraw one's account. — een bedrag o.: to draw out a sum. — geiden d deposito plaatsen met drie 'dagen o.s: to place money on deposit at three days' notice.

opwegen tegen: to counterbalance; to make good.

opzakken: to bag. — opgezakt lading: bagged cargo.

opzeggen: to give notice. — een contract o.: to terminate a contract. — drie weken van te voren o.: to give three weeks' notice. •*— met een week worden opgezegd: to have to leave at a week's notice

opzegging: notice *; call.

opzenden: to send on; to redirect (a letter). — ter incasso o.: to hand (= to send) in for collection.

opzieht: in dit (in ieder) o.: in this (in every) respect.

opzichter: superintendent.

opzien baren: to cause sensation.

opzienbaren e gebeurtenis: sensational event.

opzolderen: to store; to warehouse; to garner.

orde: voor de goede o.: as a matter of regularity; for regularity's sake. — we hebben Uw brief in goede o. ont-. vangen: your letter is (= came) safe to hand. — o. stellen op zijn zaken: to take care of one's business.

— OVERDOEN

! order: zie: bestelling — op o. van: by order of. — op o. en voor rekening van: by order and for account of. — tot nader o.: until further notice (= orders). — connossement aan o.: 6 L to order. — chèque aan o.: cheque to order. — o. eigen: order own.

orderbevestiging: confirmation of order (= of sale); confirmation sale.

orderboek: orderbook.

orderbriefje: note of hand.

orderhaven: port of call.

ordinair: low grade. »— goed o.: good ordinary. — o.e avery: petty average.

origineel: het o.: the original. — o.e verpakking: original packing.

oud: de o.e oogst: the old erop. — o.e chèque: stale che que.—van o. s bestaan de zaak: old-established business.

oudste bediende: senior clerk. — o. firmant (= vennoot): senior partner. — o. klerk: managing clerk.

over: factuur en connossement o. 10 kisten: invoice and B/L co vering (= for) 10 cases. — o. tijd: over due. — de goederen moeten o. Engeland worden vervoerd: the goods must be conveyed via England. — o. eenige weken: in a few weeks' time. — o. de zien: over ten. — rekeningcourant o. April: account-current for April. — De goederen waren spoedig o.: the goods were soon sent over.

overblijven: to remain; to remain on hand (= unsold).

overblijvend: remaining.

overbodig: superfluous.

overboeken: to transfer.

overboeking van credieten: transfer ol credits.

overboord: o verboard. — een gedeelte van de lading was o. gezet: part of the cargo had been jettisoned. — o. werken: to sling. — o. slaan: to be washed overboard.

overbrengen: to transfer *. — op nieuwe rekening o.: to place (= to carry forward) to new account; to carry forward.

overeompleet: surplus; spare.

overdekte markt: covered market.

overdisponeeren: to o verdraw one's account. — rekening waarop overgedisponeerd is: overdrawn account.

overdoen: een zaak o : to hand over a business

Sluiten