Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ONTSTAAN VAN HET GEMEENTEBEDRIJF

kan het algemeen belang er niet bij gebaat zijn, wanneer de gemeente het vrije bedrijf concurrentie aandoet. Verwante gedachten vonden wij in de jurisprudentie van den Conseil d Etat en in de Deutsche Gemeindeordnung van 1935. Deze wenschehjke begrenzing zou ik als volgt willen omschrijven en motiveeren. De gemeente onthoude zich van de uitoefening van een bedrijf, wanneer particuliere ondernemers in de daarmede te verzorgen behoeften op bevredigende wijze voorzien en geen publiek belang het tegendeel vordert. Bij monopolie-bedrijven van algemeene beteekenjs is deze bevredigende voorziening niet verzekerd en dus is daarvoor gemeentelijke exploitatie gewettigd. Bij bedrijven, waarin vrije concurrentie heerscht of kan heerschen, is een bevredigende voorziening in het algemeen te verwachten en daarom is gemeentelijke exploitatie in den regel niet gerechtvaardigd. Komt deze verwachting niet uit en is de behoefte van voldoende belang, dan is gemeentelijke bedrijfsvoering wel te verdedigen.

De motiveering van deze opvatting ligt m. i. in een aanvaarding van de bestaande economische organisatie der kapitalistische maatschappij. Het is niet de taak der gemeente op deze organisatie onnoodig inbreuk te maken. •

Naast deze principieele begrenzing dienen eenige organisatorische Beperking

. • i • i • j ««uit organisa*

redenen de gemeenten tot voorzichtigheid te manen, wanneer zij torische de exploitatie van bepaalde bedrijven overwegen. Het verband gronden, tusschen de resultaten der bedrijfsvoering en de algemeene huishouding maken het met wenschelijk voor gemeenten, bedrijven uit te oefenen, welke aan sterke conjunctuurschommelingen onderhevig zijn. Ook de organisatie van het gemeentelijk bedrijfsbeheer, die, hoezeer naar soepelheid gestreefd zal worden, in snelheid van functionneering bij vele particuliere bedrijven zal moeten achterstaan, leent zich niet voor een exploitatie, waarin ter voorkoming van groote schade of teneinde belangrijke winsten te behalen soms zeer vlug beslissingen dienen te worden genomen.

Publiek bedrijfsbeheer zal voorts zooveel doenlijk naar vaste regelen moeten handelen en dat maakt het minder geschikt voor bedrijven, waarin de afnemers individueel verschillend dienen te worden behandeld1).

*) Zie Most in Die Zukunftsaufgaben der deutschen Stadte 1922, blz. 700 en 701.

Sluiten