Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ad. 2: Wie het zoo ziet, zal ook de zangers van dit lied verstaan

en zich beter bij hen aansluiten.

"een menigte van de hemelsche heirlegers".

Wij maken de engelen mooi en zacht. Hier is het geweldig, strijders in uniform.

Wij maken de Kerstnacht schitterend van licht. Maar het staat

niet» 't Kan wel. Maar de Heere maakt het geweldig voor het gehoor.

menigte = ontzagwekkend,

heirleger = meer ontzagwekkend,

hemelsche = het hoogtepunt.

In het Oosten is een heirleger verschrikkelijk. Het overdondert, slaat neer. De schrik ligt erin. "Heere der heirscharen" met die naam spreekt God tot de menschen. Of de oogen zagen in die nacht, ik weet het niet. Maar ze hoorden: stormwind, dave— ring. Zoo botsen tegen de rotsen van Bethlehem de engelenwoor— den. Want zoo zegt God: "Ik heb eerst in proza gesproken, door een engel, die Uw hart kende". Dat is:accomodatie. Dan komt Hij met geweld: een heirleger. "Beef, aarde. Zwijg voor Hem. Het is wel vrede, maar vrede met gezag. Teer is het wel, maar het is met geweld. Wee hem, die "neen5" zegt. De bliksem slaat bij hem in . Zoo komt de Heere met legerhorde en legerorde. Het is geen dispuutkwestie, geen groene tafelconferentie. Mijn verbond komt met eenzijdig geweld. Maar dit geweld, dat geloof eischt, is geen stortende wolkbreuk, geen dijkdoorbraak, geen wervelwind, maar t groote geweld gaat samen met accomodatie. Eerst: het oor geopend, het oog geleid, de hand gebracht naar het kindje met een teeken. Daarna wordt vinger, hand en oor weggeslagen. Zoo blijft het: evangelie, maar het is: een geweldige eisch. Het is een belotte, maar eisch meteen. Hij weet, wat maaksel ik ben. Het is dipleurisch: een engel, die mij het verbond van Vader nog 's zeggen gaat. Maar het is ook monopleurisch: zonder disputeeren,

zonder vragen, alles of niets, erin of er uit.

,. aan deze legerhorde niet geergerd wordt,

die God verdraagt in de immanentie en transcendentie.»

engel zegt: "spreek maar, menschenkind". De menigte: "zwijg, gij

9.3.1*0.6 0

Hij is vervloekt, die de le zegen afwijst; hij is meer vervloekt, aie ook de 2e afwijst. Het zijn de dreigende wolken van de laatste dagen, die nu opkomen. Als mijn hart nu opengaat, dan is dat meer dan het le woord van den engel. Het ligt niet in het zichtbare, in het uiterlijke, ik weet alleen: geweld, hemelen-trilling, nat geluid is veel. Maar een grooter geweld heeft gearbeid bij dien man, in de kerk vanavond, wiens hart is wedergeboren door

en Heiligen Geest. Als mijn haten liefde wordt, mijn ongeloof geloot, dan is daartoe een kracht Gods in werk gesteld grooter dan dit leger. De Dordtsche Leerregels steUsi haar kracht gelijk met de opstandingskracht. Kerstnacht is veel, maar Paaschmorgen is meer. Daarom zie ik de engelen almeer teruggaan. Zij zijn hierin de Kerstnacht, ze zijn er nog wel op Paaschmorgen, al minder bij de Hemelvaart, ze zwijgen op Pinksteren. Daar spreekt de Geest en ook de KerK. Daarom, engelen, wij beven op 't geweld van Uw heirscharen, maar m Uw majesteit zien we de Zijne, van Uw en onzen God, en daarom zeggen wij met de engelen:

Sluiten