Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

allés precies te verklaren is, is nog niet volkomen opgehelderd; maar deze parellellen verdienen zonder twijfel zeer de aandacht.

De woorden voor „schip" gaan in vele talen uit van „vat, schaal, kuip" e.d. Zoo Ned. schip (Gr. oxvqpog, vuig. Lat. scipus = „drinkschaal"; zoo ook nog skip in de oude Germ. talen); Gr. oxdtptj „kuip, trog, nap" > „boot", Gr. axaxog „beker" > boot1), Lat. alveus, „bak, emmer" > „boot"; Fr. vaisseau, Eng. vessel < Lat. vas. Vgl. nog ons ark(e) (atke des Verbonds, atke Noachs). In de Semietische talen is het eender: Hebr.(n)',JN = Arab. 'ina „vas", ran beide beteekenissen; de afleiding van ru*BD is onzeker; Nöldeke2) zoekt verband met 7SD „schaal"; vgl. nog NöJ ,U?D Jes. 18, 2; over Arab. kadis uit Syr. tïHNp = Gr. xddoc zie Frankel, Aram. Fremdw. p. 219.Ib.p. 218over Aram.K3"lN „schip" uit Hebr. ra*ti?Mtrog"

De stad heeft haar oorsprong in een aantal huizen, die in een kring (rondom een put of een heiligdom) geplaatst worden. Vandaar de etymologische samenhang tusschen Lat. utbs en or&is. Evenzoo komt van den Semietischen stam "m „draaien" (hiervan ook "fft „geslacht", eigenlijk periode) een subst. (Arab.) dar, Hebr. (Jes. 38, 12), laat-Hebr. vm enz., w.w. TfPI „wonen", terwijl verschillende plaatsen Dór of Doera heetten. Vgl. nog Aram. KTO (st. T0)-

De woorden voor „lot" ontkenen hun naam dikwijls aan het voorwerp, waarmee geloot wordt (staafje, steentje, pijl), en gaan dan verder vaak beteekenen: „deel, bezit, levenslot" e.d. Zoo Lat. sors, Gr. xtfoog, Hebr. Stu (= Arab. gatwal „een steentje"; daaruit Gr. xogdkXiov, ons kotaal), Hebr. Dtjp ,») = Arab. ksm „door pijlen (als lot) deelen" > in het Hebr. „waarzeggen, wichelarij doen", in het Arab. kistna,

1) In het WB. van F. Muller is de volgorde 1 en 2 waarschijnlijk om te keeren.

2) ZDMG. XXII p. 516.

8) Voor de these van S. Daiches (in Festschrlft D. Hoffmann, p. 87 v.v.), dot DDp „beschouwen" beteekent, is etymologisch geen aanknoopingspunt te vinden.

Sluiten