Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 197 )

grondig konden aantonen, niet meer tot die dienften gehouden te zyn , en zy eenen tweeden Capelle tot [verdediger hunner rechten vonden. Of den zeiven als dan zulke onaangenaamheden te wagten ftaan , als die, welke d'Overysfelfche Capelle heeft wedervaaren , is twyffelagtig , en d'onriervinding geleerd hebbende , dat recht ten lesten toch moet bovendryen, koomt ons zulks niet waarfchynlyk voor.

Waarom toch ook , zouden de Zutphenfche Landlieden nu voortaan minder gelukkig zyn, dan hunne Oyerysfelfche nabuuren ? En gefteld al eens , zy konden geene bewyzen inbrengen van d'affchaffinge of uitkoop der Drostendienften ; zy waren 'er nog heden toe verplicht; waarom zouden de misbruiken daer in plaats genomen hebbende, niet kunnen geprovenieerd en altyd belet worden ? Waarom zou eene goede en billyke Overheid d' onderdanen niet van een hard drukkend juk kunnen ontiluitcn, 't welk eenig aan weinige perfonen tot voordeel ftrekt , en duizende knelt ? Zyn 'er dan geen middelen te vinden , om de groote menigte te verligten , en de Drosten of Scholten een behoorlyk equivalent bezorgende voor hun leeven , intusfchen die dienften af te fchaffen ? Ja zeeker , niets is gemaklyker en ook van de welmenendheid der Overheden te ver-

• wag-

Sluiten