is toegevoegd aan uw favorieten.

Symbolen en mythen in religie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nog iets wordt hem nu duidelijk als de dag, n.1. dat er geene andere Waarheid is als Logica, — genomen in de hoogste beteekenis. En is het niet wonderlijk, dat de grond van dit woord in schier ale talen is: Logos, 'het Woord, d. i. de goddelijke uitdrukking der Eenheid in de Veelheid? Zoo moet ook het woord de eenheid in de veelheid der taal zijn. En zoo is alles wat wij ons denken kunnen als handeling, als gevoel, gedachte, kracht, als natuurverschijnsel of vorm -— eene expressie der Veelheid, m. a. w. eene trilling in de eeuwige Symphonie der Eenheid, die eeuwig zwijgt en toch door alles spreekt.

De onbegrijpelijke en-toch noodzakelijke Eenheid, die niets kan waarnemen, juist omdat Zij de Eenheid is, — en die toch alles „waarneemt"! Ze is de Hij en de Zij, waarnemer en het waargenomene tevens, — die evemvel zelf nooit waargenomen wordt.

Hij die de „Waarheid" — het Nirwana gevonden heeft,

ziet in waarheid niets, — de Eenheid zou geen Eenheid zijn als zij zichzelve zag.

Alle maya bestaat eeuwig, d.w.z. juist zoolang als de Maya of Maha-maya bestaat, doch we hebben gezien, dat feitelijk de maya en evenzoo de Maya onbestaanbaar is; immers alle (M) maya is schijn en slechts het Eeuwige Nu — is.

Hij die te midden dezer schijnbare begripsverwarring, — die toch logisch en dus waar is — den juisten weg, die tot klaarheid voert, meent te kunnen onderkennen, die is nog juist evenver van de Waarheid als hij, voor wien alles duisternis is.

Blijkbaar heeft dus het zoeken naar Waarheid geen doel — en toch moeten wij zoeken, — we kunnen niet anders .

De maya zal ons altijd tegemoet treden; nooit zullen wij de werkelijkheid, d. i. het ware Wezen, dat geen wezen is, zien; want op het oogenblik dat wij de waarheid zullen zien — worden wij blind.

En daar wij dus altijd maya zullen waarnemen, doen wij verstandig, de maya niet als „zinnenbedrog", doch als een „aspect der waarheid te betrachten; — mogelijk kunnen wij langs dezen weg de waarheid van eene andere zijde naderen. Want laten wij niet vergeten, dat de maya heerlijk schoon is, dat hare verscheidenheid oneindig is als de Godheid zelve en onder haren steeds wisselenden vorm blijft ze voor het onvolmaakte menschenkind, dat steeds naar verandering haakt — omdat het de Eenheid nog niet gevonden heeft, — altijd aantrekkelijk. Het is daarom juist de maya, die den mensch en zelfs plant en dier tot ontwikkeling drijft.