Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

14

dat zich als de zeemeermin uit Andersens sprookje, uit liefde tot d< menschheid poogt, te ontdoen van al wat aan het dier herinnert doet elke voetstap pijn, alsof hij treedt op scherpe zwaarden. Maar niei als die arme zeemeermin is hij veroordeeld om altijd zwijgend te lijden! Uitschreeuwen kan hij het van smart en weedom. En*nooi1 wordt die kreet zoo duidelijk verstaan, als in dagen gelijk deze, nu er een rauwe gil opgaat over de slagvelden van Europa.

Zooals Mozes op den berg Nebo het beloofde land zag, dat hij nooit betreden zou, zoo zien de geestelijke leiders van ons 'geslacht den Vrede. Dat is de groote genade voor ons, die leven, terwijl een vuurzee om ons bruist, dat we weten voorbereiders te zijn voor den Vrede. Wie er aan twijfelt, moet terug naar de tijden die voor immer voorbij zijn, maar die er waren, en wier invloed nog nawerkt. Maar zij, die het „dier-mensch" in zich gevoelen en dus er zich aan pogen te ontworstelen, zij zien voorwaarts. En ginder verre — hoeverre kunnen zij niet bepalen, want van een berghoogte lijkt alles zoo nabij — zien zij den Vrede. Niet een vrede door vorsten of staatslieden gemaakt en in elkaar geknutseld, een afmattingstoestand in den strijd en op den langen duur de schijn-schoonheid verkrijgend van het echte, het ware, het uit zichzelf bestaande. Maar den Vrede, die uit het innerlijke van de menschheid opgerezen zal zijn. Is niet dat innerlijke het beste, het edelste, het hoogste en schoonste het goddelijke? En wie zich daardoor, al ware het slechts één seconde van zijn leven, gedragen gevoelde, die kan niet met een spotlach langs de tinnen van het Vredespaleis uitkijken naar het beloofde land. Want naast hem staat een engel, die wijst naar de toekomst. En al is die toekomst nog heel verre.... het idee is geboren! Zouden alleen de booze ideeën onsterfelijk zijn ?

Het idee is geboren; daarvan spreken en getuigen zelfs de steenen van het Vredespaleis, evenals de Gothische bogen van een kerk meer doen dan elkander in evenwicht houden. Idealisme ?....

Daar is in de geschiedenis van Europa geen wanhopiger tijd geweest dan in de eeuwen gelegen tusschen den ondergang van het Romeinsche Keizerrijk en het begin der Kruistochten.

Eerst een overstrooming door de wilde horden, die uit Azië kwamen. Over de honderd jaar heeft die vloedgolf geduurd. Waar die barbaren heen getrokken waren, lieten zij een woestijn van ellende achter. Geheele landstreken werden uitgemoord. In het gevolg trokken mede de gewone gezellen van den oorlog: pest en hongersnood. Zulke gruwelen zijn toenmaals bedreven, dat een kroniekschrijver dier tijden zegt die niet te willen opteekenen, omdat het niet goed is, dat dergelijke wandaden voor de kennis van een « nageslacht bewaard blijven. Het ergste weten we dus niet, maar

Sluiten