Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

floten de Belgische kogels over hunne hoofden en ketsten ze met een doffen slag tegen het ijzer der booten! Maar die kogels deden meer. Onderscheiden Duitschers, daar-even nog zoo sterk en zich tot iedere krachtsinspanning in staat gevoelend, slaakten een kreet van pijn en de roeispaak ontviel aan hun handen, omdat de kogel, in het bindweefsel der spieren gedrongen en de zenuwen doorsnijdend, hun mannenkracht had weggenomen. Of erger nog: ze vielen neer, doodelijk verwond, niet in staat om nog maar één enkel

woord te uiten, het oog reeds brekend

Terug, pontonniers!

Neen, niet terug! Voorwaarts! De kameraden stonden immers reeds gereed, om de gevallenen te wreken! Ze zochten nog den vijandelijken oever af, om de juiste plek te weten, waarop ze moesten richten. Ha, gevönden hadden ze! Hoor, hoe die mitrailleurs ratelden, hoe die geweerschoten der nimmer falende Duitsche scherpschutters knetterden! En ginds stieten weer andere ponton-booten af, die nieuwe manschappen aanbrachten, om de gewonden te vervangen. Voorwaarts, pontonniers!

En ze gingen voorwaarts. Ze aarzelden zelfs niet. Een enkel oógenblik mocht een welgericht schot van den vijand oponthoud veroorzaken, maar verder kwamen ze. Onvervaard brachten ze hun booten tot voor den vijandelijken oever

De tirailleurs der Belgen van hun kant leden ook zware verliezen. Als ze maar een klein deel van een seconde slechts de voorzichtigheid uit het oog verloren/ strafte terstond een Duitsche kogel hen- voor die nalatigheid. En om den overtocht dier Duitschers te verhinderen, was het toch noodzakelijk, dat zij richting aan hun vuur konden geven! Hoe, indien zij door die moordende mitrailleurs als tot werkeloosheid werden gedoemd?

Neen, ze konden deze stelling niet houden, tenzij er hulp kwam, tenzij de aandacht der Duitsche invallers werd afgeleid.

Pm scherp-turende blikken werden er naar het zuiden geworpen; de ooren werden gespitst, of niet de doffe dreun van Belgische kanonschoten tot hen doordrong. Was niet aan de commandanten van de forten Pontisse en Barchon gelast, het vuur op de Duitschers te openen, zoodra dezen zouden trachten over de Maas te komen? Zoo de -kanonnen dier forten niet spoedig ingrepen, zou de slag bij Lixhe voor de Belgen verloren zijn.

Was bet al te laat? Hoor, de Duitschers juichten! Inderdaad, ze hadden het waagstuk reeds volbracht. Over heel de breedte der ' rivier hadden de pontonniers hun booten zij aan zij gelegd en ze begonnen nu met van meegebrachte planken een brug over die booten te leggen!

Nu hield geen voorzichtigheid de Belgische soldaten meer terug.

198

Sluiten