Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haftigen strijd den invallenden legers het hoofd te bieden. Dit prachtige wapenfeit geeft België en de stad Luik in het bijzonder aanspraak op bewondering en roem, waarvan de Regeering der Republiek de duurzame gedachtenis moet laten voortbestaan, door aan de stad Luik het kruis van het Legioen van Eer te verleenen. Ik heb daarom de eer, U voor te stellen, dit te besluiten.

De Minister van Buitenlandsche Zaken, Gaston Doumeegue.

Terstond toonde President Poincaré zich hiertoe bereid. Zelfs stelde hij Koning Albert telegrafisch er mede in kennis, welke eer aan Luik ten deel gevallen was.

Doch toen reeds was de stad eenige uren in bezit van den

„vreemdeling"!

Het ging niét goed!

Wat wél waar was? Dat de Duitschers op dapperen tegenstand stuitten en dat hun verliezen dientengevolge grooter waren dan ze zich hadden voorgesteld! Maar wat niet waar was? Dat de Duitschers werden tegengehouden, dat hun opmarsen werd vertraagd, dat ze voor verscheiden dagen tot werkeloosheid waren gedoemd!

De Belgische overwinningsberichten waren onbetrouwbaar en soms geheel uit de lucht gegrepen. Zelfs de „officiëele" berichten der Regeering gingen aan dit euvel mank! J)

Zoo werd er om 12 uur 's middags van den 8en Augustus door het Belgische Ministerie van Oorlog de volgende mededeeling gepubliceerd:

„Wij kunnen niets aangaande het leger mededeelen, maar weten dat alles goed gaat"!

Maar het Oorlogs-Ministerie wist toch, dat de stad Luik toen reeds meer dan vier-en-twintig uren in handen der Duitschers was! Het wist toch, dat het niét góed ging!

De meest dwaze verhalen werden door het Belgische volk, dat niet den strijd van nabij gezien had, geloofd.

„Vijf soldaten," — zoo ging een vertelsel rond, — „hebben twee

en vijftig Duitschers binnen een paar minuten gevangen" Men

gelóófde het.

*) Dit moet der Belgische Regeering en den Generalen Staf van het Belgische leger als een fout worden aangerekend. Vele burgers, misleid door de „officiëele" berichten, die steeds en telkens weer van Belgische overwinningen en Duitsche nederlagen spraken, verloren hun vertrouwen in Regeering en Leger, als ze — op het alleronverwachtst! — de Duitschers in hun stad zagen. De paniek, die op vele plaatsen uitbrak, zou althans voor een groot deel uitgebleven zijn, als het volk steeds naar waarheid was ingelicht.

246

Sluiten