Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Afrikaansche troepen in Noord-Frankrijk.

Onder aanvoering toch van generaal'Paul) hadden de Franschen ten tweede male getracht, van uit het zuiden den Elzas te veroveren. Reeds waren ze wederom tot Mühlhausen doorgedrongen, waar zij in een kort maar hevig gevecht overwinnaar bleven2). De hoop

herleefde, dat ditmaal de inval slagen zou maar toen Prins

Rupprecht den noordelijken inval had verijdeld, werd het den Franschen bij Mühlhausen onmogelijk, den strijd tot een goed einde

') Generaal Pau, een man van bijna 66 jaar, was een der meest bekende hoofd-ofncieren van' het Fransche leger. Reeds in den oorlog van 1870—71 streed hij mee. Bij Froeschwiller werd hij zeer ernstig verwond, tengevolge waarvan zijn rechterarm gedeeltelijk moest worden afgezet. Na een zeer eervolle militaire loopbaan werd hij in 1909 lid van ; den Hoogen Raad van Oorlog. In 1913 verdedigde hij op warme en talentvolle wijze in den Franschen Senaat de dringende noodzakelijkheid van de Wet op den driejarigen diensttijd.

') Officiéél-Frankrijk berichtte op denzelfden avond, toen het de Fransche nederlaag in Lotharingen bekend maakte, dat aan generaal Pau bij Mühlhausen 24 kanonnen en duizenden gevangenen in handen vielen. Ongetwijfeld wilde officiëel-Frankrijk den indruk, dien het eerste bericht moest maken, wegnemen of althans verzachten. Maar het pleegde daarmede een vergrijp tegen de waarheid; een vergrijp, waaraan ook officiëel-Belgie zich had schuldig gemaakt en

waarvoor het volk later veel leeds te lijden had De geringschatting van

den vijand, die door deze berichten ontstond, móést wel gevolgd worden door een diepe -neerslachtigheid, wanneer bleek, dat die vijand de Fransche leger» voor zich uitdreef en stad na stad en vesting na vesting aan zich onderwierp.

300

Sluiten