Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wat Generaal Beyers gedaan had, werd spoedig door de pers in alle deelen der Unie bekend.

Doch was de ontslagname van den opperbevelhebbér der weermacht voor velen een verrassing — een diepe ontroering werd gewekt door den dood van een der meest populaire aanvoerders uit den Bóeren-Oorlog, Generaal De la Rey, „Oom Koos".

Reuter berichtte den 16en September:

„Generaal De la Rey, bekend |uit den Bóeren-Oorlog, keerde gisteravond in gezelschap van Generaal 'Beyers in een auto naar huis, toen hij een auto van de politie tegen kwam, die den weg bewaakte, -ten einde een rooverbende in het oog te houden. Toen de auto van Generaal De la Rey niet aan de sommatie om te stoppen voldeed, loste de politie een schot, hetwelk De la Rey in het hart trof'.

„Een ongeluk," — zeiden de medestanders van de Unie-Regeering.

„Neen," — antwoordden de tegenstanders, ~«- „geen ongeluk! Oom Koos ging niet met de Engelsch-gezinde politiek van Botha en Smuts mee. Hij veroordeelde die en dus "

En de kwade vermoedens klommen nog, toen Generaal Beyers verklaarde, dat hij met Generaal De la Rey op weg was naar het verdedigingskamp van Potchefstroom en naar Lichtenburg, om de bevolking in te lichten omtrent de kwestie van een inval in DuitschZuid-West-Afrika, waartegen zoowel De la Rey als hijzelf gekant waren. Hij ging er als particulier heen en als volksleider, en ook omdat hij wist dat de Regeering zijn ontslagbrief achterhield.

Tegenover de verklaring, dat de politie hun auto zou hebben aangeroepen, stelde Generaal Beyers de zijne, dat hij zulks niet had gehoord.

Een ongeluk of een politieke moord ?

Het Zuid-Afrikaansche volk, voor enkele jaren zoo heerlijk één in zijn worstelstrijd voor vrijheid en recht, was nu jammerlijk verhem het leven gekost! Den 6en December vond de „opstandeling Beyers" den dood. Doch voor het meerendeel der Afrikaanders was hij géén opstandeling. Als een held vereerde men den Generaal. Men was er van overtuigd, dat hij voor „rebellie" gegronde redenen had en onder zijn tegenstanders waren er niet weinigen, die zijn gewapend verzet een daad van moed vonden en van hem geloofden, dat hij naar zijn beste weten ook in dezen had gehandeld.

Schrijver dezes mocht menschen ontmoeten, die Generaal Beyers van zeer nabij hadden gekend en die onomstootelijk geloofden aan de waarheid der beweringen, die hij in zijn brief van den loden September had geuit

*) De in de voorgaande noot bedoelde Afrikaner verstrekte Schrijver de mededeeling, dat de politie, die Oom Koos had gedood, naar elders was overgeplaatst en niemand wist, waar ze zich bevond.

Deze overplaatsing — misschien slechts een maatregel, om de betrokken politie tegen mogelijke onaangenaamheden te vrijwaren — gaf den medestanders van Generaal Beyers opnieuw grond tot de verdenking, dat de dood van Oom Koos niet aan een ongeluk te wijten was.

256

Sluiten