Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waren 7 schepen gedeeltelijk van het type König en gedeeltelijk van het allerlaatste type in aanbouw.

Van de gepantserde kruisers waren de beide oudste, „Fürst Bismarck" en „Prinz Heinrich", met stukken van 24 centimeter gewapend, de andere van 21 cenimeter. Een overgangstype vormde de „Blücher" met 12 stukken van 21 centimeter, terwijl de andere gepantserde kruisers elk slechts 2, 4 of 8 groote stukken droegen. De eerste Duitsche dreadnought-kruiser, de „Von der Tann", liep in 1907 van stapel. Deze was 19.400 ton groot met 8 stukken van 28 centimeter en 10 van 15 centimeter en liep 28 knoop. Dan volgde de „Mjoltke" en de „Goeben" met 23.000 ton en 10 stukken van 28 centimeter, de „SeydKtz" uit 1912 met 25.000 ton en dezelfde bewapening. De „Derflinger", 26.600 ton groot, uit 1913, was de eerste kruiser, die met 30.5 centimeter kanonnen gewapend werd en wel mjet 8 stuks. Deze kruiser was echter, evenals twee andere, die in 1913 van stapel geloopen waren, toen de Oorlog uitbrak,' nog niet klaar'.

De pantserdekkruisers, waarvan er 39 klaar en 6 in aanbouw waren, hadden een snelheid van 21.5 tot 29 knoop. De waterverplaatsing bedroeg van 2650 tot 4900 ton. Zij waren alle met tien of twaalf stukken van 10.5 centimeter bewapend.

De torpedobooten, waarvan er 149 klaar en 17 in aanbouw waren, hadden een grootte van 230 tot 650 ton. Hun snelheid bedroeg 21 tot 32 knoop. Zij hadden elk 2 stukken van 8.8 centimeter aan boord....

Engeland bezat, Augustus 1914, 59 linieschepen en 16 waren in aanbouw. Tien ervan waren met tien stukken van 30.5 centimeter en tien met stukken van 34.3 centimeter bewapend. De in aanbouw zijnde schepen zouden op twee na met 38 centimeter kaliber bewapend worden. De oudere Engelsche linieschepen waren alle met 4 stukken van 30.5 centimeter bewapend. De grootste nieuwe schepen waren ongeveer 28.000 ton groot, de oudere dreadnoughts 19.000 en 20.000 ton en de oude linieschepen tusschen 13.000 en 16.700 ton. De snelheid der nieuwste schepen mat ongeveer 25 knoop.

Van de 43 gepantserde kruisers waren er 9 liniekruiser9. Van deze waren de drie nieuwste met acht stukken van 34.3 centimeter bewapend. De oudere hadden acht stukken van 30.5 centimeter. De grootte wisselde af tusschen 17.500 en 29.000 ton; de snelheid tusschen ?6 en 28.5 knoop. Slechts één liniekruiser was nog in aanbouw. Enger land had er nl. den laaitsten tijd de voorkeur aan gegeven, een middending tusschen een linieschip en een gepantserden kruiser te bouwen, met acht stukken van 38 centimeter en 25 knoopen snelheid.

De oudere pantserdekkruisers waren meestal met 23 centimeter kaliber bewapend. Eenige hadden echter als zwaarste geschut slechts 19 of zelfs 15 centimeter kaliber.

De pantserdekkruisers (gereed 58, in aanbouw 21) waren tusschen 342

Sluiten