Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn denken in, dat hij met de zweep al maar klappen moest door de ruimte. Het Russisch hitje liep als de gesmeerde duivel.

„U moet ze niet slaan; ook al omdat U niet weet, wie het gedaan heeft," meende Buurtje.

„Slaan? Beuken zal ik ze! Murw slaan, beurs zal ik ze slaan, als rotte appelen!!"

„Ja maar wie dan?"

„Dat is alles eender."

„Och meneer de Lieme," vleide Buurtje en ze streek zacht zijn hand, „doe dat niet

„Goed dan," zei hij om er af te zijn. Maar wijl zijn kwaadheid niet luwde, greep hij al vaster 't dikeind van de zweep. Hij reed met Buurtje het erf op en bracht haar bij zijn sluimerend dochtertje in de tent. En direct ging hij het huis in, zoekend naar de jongens die er nog niet waren.

Toen hij kort daarop terugkwam lagen de meisjes in elkanders armen te huilen. Hoe droef en zacht werd het in zijn kwaad gemoed. Borg zijn Vrouke snel wat weg? Neen, dat was verbeelding. Trouwens, meisjes hebben altijd geheimen, dat staat vast. Hij glimlachte.

„O vader!" juichte Vrouke, „heerlijk dat U haar gehaald hebt!"

„Eerst wou ze niet," spotte hij.

„Waarom eigenlijk niet Vera, ja waarom niet?"

„Waarom, al daarom!" viel de oude in. „Zeur nou niet kind. Nu is Buurtje er weer voor goed, is 't niet waar slechte meid?! Stijfkop! En vraag nu maar niets."

158

158

Sluiten