Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der. Kom, wees nou rustig, vrouwtje. Nachtconducteur: (stoppelbaard, lantaarntje vóór, rolt de zijdeur open) Bit te, die Fahrkarten, meine Herrschaften. Jenny: (doodelijk verschrikt, valt in de kussens terug, neemt een zakspiegeltje, ordent het haar, schuw bezig). Karei: (tegenwoordigheid van geest) Bitte, (haalt zéér voornaam-rustig zijn rood-leeren portefeuille voor den dag, laat den ander, haast-opzettelijk wachten) Sind wir noch weit von Basel? Nachtconducteur: (glimlacht in zijn baard) Bleiben Sie ruhig. 's Reservirt. (Grendelt de deur.)

Karei: (koel-zakelijk tot Jenny) Jenny, tast nu wat, — dat is beter. (Steekt nu, zonder haar verlof te vragen, een sigaar op, dampt. Zinkt neer in z'n kraag, neemt een krant. Stilte.)

Jenny: Karei, wat ben je nou ontstemd. Kunnen we niet wat praten? Ik doe tóch geen oog dicht.

Karei: Och, die beroerde kerel. Jenny: (angstig) worden we nóg is gecontroleerd?

Karei: Nee, dat ik weet niet.

26

Sluiten