Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jenny: Had je 't je zóó gedacht. Karei: Weet je wat mij aldoor weer treft?

Jenny: Ja, zeg 't is. Karei: 't Is niet eens zoo vol als 'n opera, 't Is 'n operette, 'n aldoor maar doorgespeelde operette voor de strak gespannen coulieze van den hemel, en hier nu, van de zee. En altijd begin of einde van muziek. Straks zal er wel weer licht getokkel komen onder ons venster, of een zingende mannenstem rondom de hoek van een straat. Altijd en overal kleine muzieken, die nooit samen stemmen tot een vol orchest. Op allerlei punten ontbloeien ze weer ineens, en dan dragen ze 'r wijzen over naar andere plaatsen, 't wordt een nooit ophoudend muzikaal geneurie, 't Heele leven lijkt hier wel een spelevaart op het azuur van meren en hemelen, ieder praten is zingen, en ieder zingen is niet meer dan muzikaal gebabbel, (verstrooid, en zoekend naar vergelijkingen). Het klinkt alles als'taccompagnementvan gondelriemen (heel zacht, voor zich heen) altijd aanvang of naspel, nooit spannende drama-

72

Sluiten