Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

acteur als individu — die een tooneelspeler aanzien voor bruikbaar middel om allerlei wellusten van decoratieve zinnenstreling te genieten, die razen van „ideeën" en „geest" en „versymboliseering" — vooral in onze dagen is het troosteloos te leven voor iemand, die wéét, dat zijn kunst tot de menschen sprak: diep sprak, veel dieper dan óóit een vergeneraliseerd isme zal spreken tot een massa — een doodgewoon gemengde massa, van talloos allooi.

De artist is, als individu, aan 't verdwijnen

en vanzelf moet hiermee een dagelijks benauwender beklemming rijzen om de epigonen van het oud geslacht, dat nooit anders heeft geleefd, dan in 't teeken van het individualisme.

Zoo'n epigoon is Marie van Eysden—Vink. Een van het soort, waarvoor de dramaturgen van veertig jaar terug hun sterre-rollen schreven — een van het soort, die de oude klassieke drama's, welke ons litterair maar vervelend voorkomen, vlammend leven wist in te blazen.

En deze epigoon ziet de traditie van heur geslacht ten onder gaan. Ze vindt de geur van

heur kunst aan 't verflensen en zij heeft

11

11

Sluiten