Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat de muzikant daar op een omgevallen boomtronk als een machtig vorst gehoor verleent, terwijl op mij niemand acht slaat, behalve de wind dan, die een dwaas spel met mijn hemd drijft, en een kouden adem over mijn naaktheid blaast.

En nu verzoekt de hoofdman Valentijn na veel plichtplegingen, om het hed van ,,de Prinsen van het woud" hem voor te willen spelen.

En Valentijn stelt zijn condities. Hij eischt, dat ik zal worden losgebonden, en dat ik, in ruil voor mijn kleederen, die een half kapitaal waard zijn, met de versleten plunje van den aanvoerder der boeven zal schadeloos gesteld worden.

Terwijl mijn makker zijn hed zingt, dat een wonder is van loovergeritsel, overmoed en zorgeloosheid, ontboeien ze mij haastig, en moet ik de bittere pil slikken, dat de rommel van den hoofdman, die al bezig is om zich in de veeren van een ander te steken, mij verachtelijk voor de voeten wordt gesmeten.

Om het hed van „de rosbruine Deerne" wordt dan in hetzelfde oorverscheurende dialect van daareven gevraagd.

Valentijn begint er aan, nadat hij eerst nog het behoud van zijn bochel, zijn ransel en fonkelnieuw wambuis geëischt heeft, in ruil voor een handvol koperen penningen.

Schalks en uitgelaten jubelt de wijs bij het getokkel

84

Sluiten