Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Liszt's vader aan Czerny bewaard gebleven, waarin deze over het succes van zijn zoon bericht tijdens hun eerste reis naar Pas rijs. Marie Lipsius ontdekte ze in het archief van de „Gesell* schaft der Musikfreunde in Wien" en heeft ze gepubliceerd. Deze brieven, die tevens de authentieke verslagen van die reis zijn, herinneren aan die, welke Leopold Mozart naar huis schreef: er spreekt een eenvoudige, doch zich rechtmatig ach* tende trots uit. Ook den toen 12*jarige vinden wij er een enkele maal aan het woord: „Ik ben gezond, en het gaat mij heel goed. Ik verblijf uw immer dankbare Zizi", staat onderaan den eersten geschreven met een groote kinderhand. Liszt's schrift, dat George Sand later karakteriseerde als „ver* woede hanepooten".

Het kind Liszt liet op die eerste concertreis overal de lyrische verrukking van zijn recensenten achter zich. De Augsburger courant had „een nieuwe Mozart" ontdekt. Stuttgart meent, dat „deze knaap reeds de eerste klavierspelers van Europa opzijde komt, ze misschien reeds overtreft." In Parijs, het doel van de reis, werd de beroemde regel geschreven, die den Parijzenaars de Hevelingsnaam „le petit Litz" aan de hand deed. Musici, die Franz bij een pianoconcert begeleidden, vergaten door het luis* teren naar zijn spel op tijd in te vallen. „Orpheus deed de dieren verstommen, maar de kleine Litz bracht het orkest tot zwij* gen", heette het na dit voorval.

Cherubini, de hoop van Adam Liszt, weigerde den Hongaar Liszt op het Parijsche Conservatorium toe te laten, omdat het reglement opname van vreemdelingen verbood. Voor Liszt was in een tijd, dat de leerjaren te Parijs als het begin van iedere goede muzikale opvoeding werden beschouwd, de slag eerst groot: „Mijn klagen en zuchten wou haast geen einde nemen," vertelt hij, deze gebeurtenissen herdenkend. Dateert hiervan zijn minachting voor de conservatoria, die hij later „abgestan* dene Eierspeisen" noemt? Ten slotte werd Paër, later Reicha, tot leermeester gekozen, maar voor compositie. Als leermeester voor piano erkende de jonge Liszt reeds geen ander meer dan zichzelf. De pianist Liszt was zijn leermeesters wel snel ont* groeid. Inderdaad, in technisch opzicht had zijn pianistiek van zijn eigen tijdgenooten niet veel meer te leeren. Het was een technisch reeds bewonderenswaardig spel, precies en helder, doch de lessen van Czerny bleven er getrouw in praktijk ge* bracht. Aan Czerny bericht nog in 1824 Adam Liszt: ,J?ranzi speelt zuiver en duidelijk, zijn tempo is mechanisch zeer onfs wikkeld, ik laat hem nog steeds toonladders en etuden bij de metronoom spelen en wijk niet af van uw stelregels, die, naar het succes mij bewijst, de beste zijn. Ook over de ontwikkeling

39

39

Sluiten