Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij bewoonde op de Quai Malaquais een groot huis, was moe* der van drié kinderen, maar zij verveelde zich bij een twintig jaar ouderen man en liet zich voorstaan op haar begaafdheid voor de letteren en op een „onbegrepen ziel"; zij vond zich* zelf ook nogal interessant, dat zij zich „een Lorelei" kon noe* men. Zij gaf zich graag een uitdrukking van melancholie, wat bij den Weltschmerz, die in de mode was, uitstekend paste. Zij hield er ook van de dingen romantisch te zien en, ten behoeve van den mooien schijn .liefst in haar voordeel te verdraaien. Zij had een gedeelte van haar jeugd in een klooster doorgebracht, noemt zich den eenen keer „devoot" en den anderen keer „ge* passioneerd en romantisch"; wij zouden zeggen: geëxalteerd.

Dochter van den Vicomte de Flavigny, emigrant tijdens de Fransche revolutie, en die in Frankfort de dochter van den Duitschen bankier Simon Moritz Bethmann trouwde, had zij op 22*jarigen leeftijd de hand aanvaard van graaf Charles d'Agoult, colonel der cavallerie, veel ouder dan zij, doch die haar alle vrijheid het voor haar caprices en voor haar salons. „Sedert den dag van mijn huwelijk had ik geen uur van vreugd meer gekend'.

Voor deze onbevredigde vrouw scheen de weg aangewezen tot een liaison, die haar tot de Muze van een dichter of een genie verhoogde.

Zij zag Liszt het eerst in het salon van Madame L. V. (zoo wordt haar naam aangeduid). Zij was niet op de ontmoeting voorbereid, zegt zij; haar gevoelens lezen wij, met de noodige opgesmuktheid aldus beschreven: „Ik zat nog met Madame L. V. te praten, toen de deur openging en een zeldzame ver* schijning zich aan mijn oogen voordeed. Ik zeg een verschij* ning, omdat ik geen ander woord weet om de buitengewone aandoening te beschrijven, die mij toen overviel bij een persoon als ik er nooit een had gezien. Lang tenger, een bleek gezicht met groote oogen, zeegroen van kleur, waarin snelle lichtschijn* seis verschoten als de golf, wanneer hij begint te gloeien, een lijdend en krachtig voorkomen, een gang die eerder scheen te glijden dan te loopen, afgetrokken en onrustig en als een geest* verschijning die zoo aanstonds weer in de duisternis zal terug* wijken, zoo kwam mij dat jonge genie voor, welks verborgen leven op dat moment mijn levendigste belangstelling wekte".

Haar indrukken van Liszt heten haar niet meer los, maar al vertelt zij met verdraaiing der feiten dat Liszt op haar persoon* lijke uitnoodiging haar kwam bezoeken, het was door Berlioz dat zij Liszt bij zich het brengen. Zoo begonnen de betrekkin* gen tusschen beiden en zij zouden tien jaar duren. Tien jaren van hartstocht en geluk, van poëzie en idealiteit maar ook van

67

Sluiten