Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

125

Grafische voorstelling van de toe- of afname der vier hoofdrubrieken gronden, in de gemeenten van noord-Limburg, waar in 1900 minder dan 25% der gronden woest was, in H.A. X 1000.

40

In de negen gemeenten met ten minste 25% woesten grond in 1900 besloeg van het totaal der gronden,

het bouwland het grasland in 1900 30% 10%

„ 1910 33% 12%

„ 1920 44% 14%

In de gemeenten met minder dan 25% woesten grond in 1900 besloeg van het totaal der gronden,

het bouwland het grasland in 1900 37% 12%

„ 1910 39% 13%

„ 1920 40% 14%

Tot 1910 zien we dus het grasland betrekkelijk sneller toenemen dan het bouwland. In de gemeenten met minder dan 25% woesten grond in 1900 houdt dat nadien aan zelfs in versterkte mate; in de andere gemeenten echter gaat de toename van het bouwland dan bijna tweemaal sneller dan die van het grasland, zoodat in deze gemeenten de verhouding tusschen bouwen grasland zelfs eenigszins ten nadeele van het laatste is veranderd. Dat is veroorzaakt door de groote ontginningen, die

Sluiten