Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

172

den, terwijl deze, onder goedkeuring van het rijk een overeen komst aangaat met een landbouwer" %

De alg. voorwaarden, waaronder de voorschotten werden toegekend waren de volgende 2):

1. Het voorschot is bestemd voor de stichting van boerderijen ter grootte van omstreeks 8—12 H.A. op woeste gronden, zulks overeenkomstig het ingediende plan.

2. De gronden worden in eigendom overgedragen aan voldoende gegoede en voor hun taak geschikte gegadigden, hetzij rechtstreeks hetzij door tusschenkomst eener voor dit doel gevormde stichting of vereeniging.

3. Als waarborg voor de rentebetaling en aflossing van het gegeven voorschot, wordt eerste hypotheek op de boerderijen gevestigd.

4. Het voorschot wordt gedurende 8 jaren renteloos verleend, vervolgens moet gedurende twee jaren 4% rente worden betaald en daarna geschiedt de betaling der rente met de aflossing der schuld in 30 annuiteiten, ieder groot 5*h% van het verschuldigde bedrag. Desgewenscht kan ter voldoening van een gedeelte van het verschuldigde (ten hoogste 25%) eene grondrente op riet goed worden gevestigd.

Het voorschot wordt, onder dezelfde voorwaarden, ter beschikking gesteld van dengene, die den eigendom verkrijgt der boerderij.

Vervroegde afbetaling is te allen tijde toegestaan. In dit geval is het gemeentebestuur gehouden deze afbetaling onmiddellijk aan het Rijk over te dragen.

5. De keuze der eigenaren, de wijze van ontginning der gronden, zoomede de plannen der te stichten gebouwen, zijn onderworpen aan de goedkeuring van het Rijk.

6. De eigenaar mag, zoolang de verschuldigde annuïteiten niet zijn afgelost, het goed zonder toestemming van het Rijk noch geheel, noch gedeeltelijk verkoopen, in opstal of erfpacht uitgeven, verpachten of van aard of bestemming veranderen.

7. De eigenaar is verplicht de gebouwen tegen brandschade te verzekeren tegen een voldoend bedrag en bij een voldoend solide maatschappij, een en ander ter beoordeeling van het gemeentebestuur. De polis moet jaarlijks worden vertoond.

1) Bapporten en Voorstellen I. Bijlage II. bldz. 34.

2) ld. bldz. 36.

Sluiten