Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

9

de hofstad wonende en met Valdez... bevriend, hem door hare smeekingen van eene beschieting zou hebben afgehouden. Er helpt niet aan, Magdalena behoorde tot die vrouwen, zooals er voor en na in bezette landen gevonden werden en worden, die voor de toenaderingspogingen van vreemde officieren zich niet ongevoelig toonen.

Zelfs heeft geen later huwelijk het onwettige wettig gemaakt7). Het is eigenlijk jammer dat wij eene straat naar haar hebben genoemd, misschien kunnen wij den naam nog eens veranderen in b.v. Anna Sandelijns straat.

Wat verder ? Reeds Orlers heeft er ons aan herinnerd, dat „men van (het eerste beleg) soo weinich in onse Nederlantsche Chronijcken beschreven vint en datse haere Beschrijvinghe ghesamentlicken spaeren op de leste belegheringhe"8). Het is waar en het is begrijpelijk. Van ééne gebeurtenis willen wij

melding maken. Den ic;den December besloot de magistraat papieren geld te laten slaan. Zij gebruikte daarvoor het perkament van oude misboeken, stellig niet om de oude religie te hoonen9), maar omdat er niet zoo gemakkelijk ander materiaal te vinden was. Zij gaf guldens van twintig stuivers en „kwartjes" uit. Juist als bij het papieren geld van het tweede beleg droeg ook deze munt reeds het randschrift Haec libertatis ergo d.i. Om vrijheids wil. Daarover heeft toen eens ds. Adriaan Jansz. Taling (anderen spellen Teling) zich van den kansel, terwijl Van der Werf en Jan van Hout onder zijn gehoor zaten, heftig uitgelaten, zeggende dat er beter gestaan hadde Haec religionis ergo d.i.

Sluiten