Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AANTEEKENINGEN.

') Studentenalmanak 1830, blz. 88 vlgg. vergel. 1824, blz. 68 vlgg. *) Eccl. Lond. Bat. Arch. II, 469, 23 Oct. 1573. Misschien had de Prins al deel genomen aan het avondmaal van 5 Juli r573. 3) Gentsch Vader-Onze bij Van Vloten, Nederl. Geschiedzangen, I 393. *) Romeinsche bronnen nOB. 192, 448, 548. 5) Ms. rijksarchief. Hof 4592. 6) Theorica y Practica de guerra, 1577, 1595, 1596, vergel. Fruin, Verspr. Geschr. VII, 205. 7) Aldaar VIII 380—397. 8) Orlers, Leiden blz. 447. 9) Nuyens, Gesch. van het beleg, 1874, blz. 37 ,0) Van Vloten, Beleg, blz. 60. ") Vergel. Brandt, Reformatie, I 554. ") Van Lummel, Nieuw geuzenliedboek n°. XCI. 13) Discours du siège, etc. 1575, pag. 7: ,,et pourtant qu'on pouvoit differer a faire ceste grande despence de ravictaillement jusques a ce que le bied fut a meilleur marché.. . .". ") Luc. ij, 27. '6) J. Huizinga in De Gids van Mei 1924. '6) Van Lummel, a.w. n°. LXIII. ") „Que j'ai la teste tellement estourdie . . . ." aan graaf Jan, Archives IV 390. 18) Uit een brief van Barthold Ernst, griffier van het Hof, d.d. Dordrecht 28 Mei 1574, 7 uur 's morgens in de kamer van Z. Exc, Mem. 4592, ged. bij van Vloten, Nalezing blz. 110. ") Petri Foresti Opera Omnia, Rothomagi 1653, I 163 s. lib. V. observ. VII. Vergel. Fruin, Verspr. Geschr. III 40—64, die de Frank fortsche uitgave vafa 1660 gebruikte. i0) Bor, Oorlogen, I 551a. 21) Ms. Hof 382, miss. II 72. ") Bor, a.w. I 552a. ") „quelque relasche", Archives V 53. !4) Blok in NBW V 42 vlgg. !6) Men zie ook de aanteekening 71 achter Fruins Beleg en Ontzet, die zijn hart eer aan doet. ï8) Corte Beschrijvinghe blz. 19. ") Blok, a.w. blz. 59. 28) Fruin, Beleg en Ontzet, blz. 129. i9) L. Knappert, De opkomst enz. blz. 167. K. Vos in Leidsch Jaarb. 1918, blz. 19—23. so) Orlers, a.w. blz. 526 vlg. 31) Corte Beschrijvinghe 2de uitg. blz. 36 vlg. ■ M) Ms. Hof 4592. ") De gansche brief bij Orlers, a.w. blz. 495 vlgg. 34) In het Spaansch en Nederlandsch bij Orlers, a.w. blz. 497 vlgg. **) Vergel. J. Kloos in Leidsche Jaarb. 1918, blz. 78—83. 3S) Ode II vs. 233 ss. ") J. Prinsen, De Nederlandsche renaissance-dichter Jan van Hout, blz. 45. 38) Aldaar blz. 171. 3') Oude verhalen blz. 19 vlgg. 40) Men vindt er nog een aantal opgeteld bij Dusseldorp, Annales p. 130 en daaruit bij Blok, Stad, III 55 noot, een wever, een schipper, een kleermaker enz. „Wanneer deze schurken," zegt Dusseldorp, „niet in Leiden de lakens hadden uitgedeeld, zou de burgerij stellig tot haar plicht zijn teruggekeerd". u) Ps. 9 naar Datheen. 4i) Archives V, 66.

Sluiten