Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was je Hever dood dan bij mij! Ik ben naar de Zwarte Poel op Beukenoord gegaan, maar ónze vijver, neen, daar zocht ik je niet. Onze vijver, Detje! Weet je dien éenen avond nog? 't Was in Mei, 't rook zoo zoet naar seringen en meidoorn, een nachtegaal zong in het bosch, het gras was wit van madeliefjes. Op de bank, onder de kastanje, vroeg ik je mijn vrouw te worden. Wat waren wij toen gelukkig, weet je nog wel? Zeg, vrouw, laten we weer beginnen, laten we 't beter overdoen. Bi wil lief voor Dineken zijn. Ze is toch mijn kind en jou heeft ze het leven gered. Bx zal bij je thuis blijven, 's avonds en goed voor je zijn als vroeger, dan ga je misschien langzamerhand ook weer een beetje van mij houden. Als je mij maar vergeven kan!"

Toen smolt haar stille wrok in tranen. Zij geloofde aan zijn berouw, aan zqn goeden wil.

In de koestering van zijn armen hui-

43

Sluiten