Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6

zichtig toeschoof vóór, als niet op 't menu beschreven, niet officieel geïnventariseerde lekkernij, 'n schotel met doorzichtige plakjes corned beaf, zwart-omrand, doch appetijtelijk, in 'n tuintje van koude groenténsla — a la jardinière — rond werd gediend? At je dat roestig-geel goedje, sinds je jeugdjaren niet meer geproefd, niet als 'n delicatesse, wetsovertredende attentie van den hotelier, die voor de vensters bleef schildwachten tot 't onraad van de borden verdwenen was ? ... Ach, ach, wat snakte je naar iets hartigs, iets anders, iets héél-gewoons-maarlekkers! Hoe leek 'n versch kadetje 'n droom en 'n paar zachtgekookte eieren bij je ontbijt 'n pervers genot... En vleesch. Vleesch. 'k Dweep niet met vleesch en 'r zijn dagen dat k, vermoeid en slap, of zenuw-wakker en overtuigd, vegetarische besluipingen onderga. Maar toen, toen, ingespannen werkend, met grijze maaltijden van groenten-in-water, papperigrosse visch, gebroken rijst, aardappelmeelflensjes, verstaan blikjesgoed afgekeurd voor de legers, die met volle magen moesten vechten, thee van lindebloesem en cacao-doppen, gestampten pot en alweer botjes en in 't ijs vermummiede schelvisch, tóen kreeg je man oogen van uit de eerste verliefdheidspenode en watertandde je zelf, als 'r iets teederbruins met 'n smijdig sausje naast de dampende pataten op tafel stond... '

Pas getrouwd konden we geen woning krijgen, t was sleutelgeld voor sleutelgeld na, met overname van gordijnen-met-demot-'r-in,'versleten oorlogszeil, pluche meubeltjes, schoorsteengarnituren, ouwerwetsche gasornamenten en wat ze meer wouen opruimen zonder 'r den uitdrager in te betrekken.

Wachtend op 'n gelegenheid — en we hebben lang moeten wachten — om ons met bescheiden middelen in te richten, leerden we iets kennen van die zeer bijzondere levenssfeer, die voor mij als jong meisje betrekkelijk vreemd was gebleven, de aparte, hyper-genoegelijke, tragisch-groteske, buiten alle verband met de Natuur wortel- en bloesem-schietende sfeer van het wonen op gemeubileerde kamers. Na onze korte huwelijksreis — in Holland zelf — over de grenzen kon je piet _ betrokken we de kamers, waar Jan 'n aantal verzorgde jaren, volgens zijn zeggen — is 't niet Janneman? —: letterlijk op z'n wenken bediend was geworden, waar t eten uitstekend was, zelfs in die oorlogsjaren, waar-ie nooit n aanmerking van beteekenis te maken had gehad. De weduwe had t twee-persoonsbed, waarin 'r man voor 'n kwart eeuw t bekende tijdelijke met 't minder-bekende eeuwige verwisseld had, tijdens

Sluiten