Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

20

Soms zwol 'r een op met 'n dikprotsend buikje en sloeg z'n geel-vonkend tongetje tegen den bodem van de pan, maar dan weer ineens of 'n judas de slang leeg lag te lurken, werden 't allemaal lauw-blauwe belletjes, kwijnend en met 'r oogies trekkend of ze op sterven leeen ...

„Je mot opkoken en niet koken," waarschuwde tante Sprans nog eens. Ze voelde sekuur dat 't te lang kookte. In haar tijd dee ze 't met melk op de tast...

„Tante Sprans, maak me niet overzenuwachtig I" zeide Stella, die 'r kregel bij werd: „d'r is geen druk. . U heit 't makkelijk in uw stoel... 't Duurt nog minstes 'n kwartier ..."

't Werd 'n nerveuze historie. Eerst bij negen, toen.de lamp met 'n pieterend, doodsbleek, snorkend gloeikousje brandde, begon ook de room lekkertjes warm te worden. Bella klutste met eindeloos geduld de eieren — eerst eigenwijs de dooiers apart, maar toen Siegfried heftig met de gebruiksaanwijzing gestikuleerde, ook 't eiwit 'r bij — toen wachtten ze koortsig op 't afkoelen van den room, die eerst niet warm en toen weer niet koud wou worden — toen liet Piet, die telkens brokjes grof ijs uit den lekkenden zak snoepte, 't grove zout op 't vloerkleed vallen, wat 'n wanhopig gekrijsch gaf dat de avond niet zonder ruzie voorbij zou gaan — toen hadden Siegfried en z'n meisje inderdaad 'n woordenwisseling over zijn krankzinnigheid om 'n vingerplukkie fijn zout aan de brei toe te voegen — wat ze in Amerika allemaal deeën — toen kreeg Ivonnetje van Bella 'n draai om 'r ooren, omdat ze ongemanierd de schaal van de geklutste eieren schoon stond te vingeren — toen, godzij-geprezen, tegen half elf zakte de smakelijke mélange van room, suiker, vanille en eieren in de bus en de bus zakte in 't ruwe ijs en 't ijs verdween onder de bolstering van t' zout — toen draaiden ze om beurten den slinger van de Amerikaansche machine en kregen 'r pijn van in d'r schouders en gooiden den beugel om van den rechter- naar den linkerarm, zooals de orgeldraaiers 't deeën, om 't langer uit te houen en ze praatten gejaagd en beten mekaar de woorden af — en lachten om de gijntjes van Siegfried, die zei dat-ie voor 'n portie ijs nog nooit zoo gezweet had — en werden angstig omdat de bus vlot bleef bewegen en de inhoud niet stijf werd — en toen werd 't heusch 'n ruzie op huilen af tusschen Bella en Stella, omdat Bel de bus wou openmaken om is te kijken waarom de boel van binnen niet hard wier en Stel 'r vinnig de mechien uit 'r handen nam — en toen griende Ivonnetje omdat ze midden in

Sluiten