Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nacht gebracht heeft. Maar zij durft er niet naar zien. en ze zou willen dat het een roos was. en zij hoopte dat bij van nacht een roos zal brengen.

Ze was naar hier in 't klooster gekomen om hare ongekreukte kuischheid aan O-L-Vrouw aan te bieden, daarin blank te leven, en dan goudgelukkig te sterven op een hard beddeken. En jaren leefde ze zoo stil en zacht, haast onhoorbaar voor zich-zelve, van binnen wit lijk perenbloesem.

En nu doet ze elke nacht de poort open voor

een warm man.

Ach! dat ze daarmee begonnen is!

Ze voelt hare kuischheid verslensen.

Maar ze wil niet. Haar hart is een kreet, een gedurige gil. Ze bidt heelder uren op de verharde knieën voor het

O-L-Vrouwebeeld, daarnevens in de witte kapel, opdat hare liefde voor hem zou uitdooven, die alle nachten

opnieuw zoo zoet wordt helder gestreeld. Er is toch zoo'n schoon lied in zijn oogen, en haar gedachten zwijgen er niet meer van. De liefde besteekt haar met smarten, ze wil alleen het

39

Sluiten