Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar O-L-Vrouw mag voor hem de poort met open doen! En haastig loopt ze buiten in het bloemenhofken, naar den steenen bornput

met zijn bemost scnaliendaksken, en zij laat de sleutel er in vallen.

Hij blinkt nog even in den maneschijn; zij luistert; de put is diep; de sleutel suist naar beneden, en op hare toeë oogen hoort ze een gonzenden plof, en dan de stilte. Nu kan ze niet

open doen, en 't geluk overfonteint haar.

Dan tikt er een zachte kneukel op de dikke poort.

Die nacht heeft Beatrijs haar schoon lief niet kunnen omhelzen. Zij heeft enkel tranen laten vallen op een roode roos, die over den muur viel*

4i

Sluiten