Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

40

DE WATERMOLEN

4

Grauw-beschuimd, in woesten groet, Spoelt het water aan zijn voet, als een bed verdorde rozen.

Naar dat wilde hart gezogen,

in verplett'ring uitgespogen,

zingt door ons het eindelooze.

5

In der wieken cirkelgang

stormt het beeld en kreunt gezang, op de rad'ren danst het water. En ons hart bij 'tgaan der dagen Schreeuwt door één ontstuimig klagen: Later! Later!

Sluiten