Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

48

HET HUIS OP DEN BERG

VIII

De dag rees grijs over 't gestrekte land heen, de heide rilde wreevlig door elkaar,

rondom het huis woei het onrustig zand heen de dennenkronen ruischten diep en zwaar.

Het licht dat grijs, eentonig, transparant scheen, trok uur na uur, zwijgend onwankelbaar

zijn breede waaier over vloer en wand heen, de dennen ruischten buiten, vol en zwaar.

De bleeke middag was in huis volkomen.

De slinger tikte vast en kalm en klaar. Wij gingen donker langs elkaar als droomen

en spraken kort, gedempt en weinig maar, en het was stil.... maar buiten ons het stroomen

der winden door de dennen, vol en zwaar.

Sluiten