Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

22

avond en vijf minuten later, nog met de lintjes in *r haar — 't mocht niet, maar vanavond had ze geen hoofd — lag ze in 't bed, zoo dicht mogelijk tegen den behangselwand op, Om plaats voor Toop te maken — Toop, die in denzelfde geparfumeerde kamer moest Slapen. Om tien uur, toen ze met 'r sommen en Duitsch klaar was, veterde Toop 'r bottines los. Gedwee, zoo stil als in de dagen, toen vader pas gestorven was, zoende ze moeder op de twee wangen en liep de gang bij de slaapkamer in. Daar ging ze nog even op 'n traptree zitten, 't Schreeuwde in 'r op, dat ze zoo niet naar bed kón, dat ze den heelen nacht niet zou kunnen slapen met 't schrikkelijk geheim. Besluiteloos 'iet ze de veters der bottines heen en weer bengelen, toen stumperde ze naar de huiskamer terug.

Moe zat achterover geleund, wit en vermoeid, de oogen gesloten.

„Ik dacht al," zei de vroog-oude vrouw, en de oogen hield ze dicht of 't lamplicht *r pijn dee: „ik dacht al dat je nog terug zou komen: je heb 't fleschje van je kameraadje op den schoorsteen laten staan..."

Een ©ogenblik draaide de kamer met Toopje rond. Dan ineens, zoo snikkend, dat ze 'r niet bij praten kon, zat ze op moe's schoot, klein-kleuterig als 'n baby, en met de armen om de hals van de' vrouw met 't grijze haar, kermde ze 't uit:

„Moes, moes, *t is van 'n jongen..."

„Dat wist 'k," zei moe zachtjes de blonde vlechten van 'r oudste streelend: „maar ik vind 't schattig, dat je 't me zegt..."

En terwijl 't gesnik 't tenger meisjeslichaam doorbeefde, praatte ze sussend, kalmeerend, dat 't zoo erg niet was, als je 't maar vertelde — en dan vroeg ze hoe oud de jongen was...

Toen kwam 't ergste van de biecht.

„Hij is niet oud, moe — hij draagt nog 'n broek met bloote knieën..."

„Goed, m'n kind," troostte moeder; „dan zenden we morgen aan dien jongen met z'n bloote knieën de flacon terug... En dan spreken we 'r nooit meer over..."

Voor 't eerst sinds ze weduwe was, lei ze dien avond 'r gróóte dochter als 'n heel klein meisje naar bed — en terug in de huiskamer berook ze met 'n glimlach 't fleschje, waarop 'n jongenshand op 't etiket had geschreven: „Van uw Henk"...

Sluiten