Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

straalde de gouden zomerdag, maar zij schoof de donkere gordijnen voor de lichte vensters. Deze kamer leek zoo weinig op die van Nico's eerste bezoek. Den heelen morgen had zij, zooals toen, aan het strand doorgebracht. Zij was toen door influenza verzwakt en had zeelucht noodig. Na de koffie zou zij weer gaan. Toen was Nico gekomen.

't Was haar aanstonds geweest alsof zrj hem herkende. Waar had zij die donkere fluweeloogen, dat matbleek hartstochtelijk gezicht, omkruld van blauwzwart haar, meer gezien? — In een vorig leven?

Al vóór drie uur was hij gekomen, want een kennis had hem gewaarschuwd dat Rie morgen en middag naar het strand ging. Het gesprek werd zóo boeiend dat ze elkaar verlegen aankeken toen de klok vier uur sloeg. —

Er werd gebeld. Als Nico — maar dat kón niet gebeuren!

Hun wegen waren gescheiden voor eeuwig, nooit zouden ze elkaar wederzien*

In de straat draaide een orgelman een vroohjk operettewijsje af. Dien middag had er ook een orgel in de straat

42

Sluiten