Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

69

zijn, dat hangt voor een deel van ons af. Want trots den tegenovergestelden schijn is de gelegenheid om invloed op hen uit te oefenen, een zeer gunstige. Daartoe behoeft men slechts omgang met hen te plegen. Dat wil zeggen, wij moeten niet op een afstand van hen blijven staan, wij moeten ze niet met alle geweld aan onze voeten willen hebben, maar aan onze zijde, wij moeten ze behandelen als jongere vrienden, jongere kameraden, jongere vakgenooten. Wij moeten ons vooral niet opdringen en ons nimmer teleurgesteld toonen, wanneer zij onze avances niet beantwoorden, maar wij moeten altijd met ons vertrouwen gereed staan, en zij moeten aan ons voelen, dat wij voor hen voelen en dat zij bij ons terecht kunnen. Wij behoeven, en behooren voorzeker, te'et al hun onhebbelijkheden te dulden, niet al hun eigenaardigheden te ontzien, maar toch is het niet teveel gezegd, dat wij de persoonlijkheid, die daar bezig is zich in hen te vormen, hebben te eerbiedigen. Laat ons toch wel bedenken, dat die zucht naar zelfstandigheid een natuurdrang is, een noodzakelijkheid voor de zich ontwikkelende persoonlijkheid! Laat ons dus hun veel ten goede houden, wanneer zij dien drang niet altijd op de meest gewenschte wijze uiten. Gelijk het pasgeboren kind, dat zoo lang in den moederschoot opgevouwen heeft gelegen, behoefte heeft aan allerlei beweging, aan trappelen en slaan en kraaien, en zich niet behoorlijk kan ontwikkelen, wanneer het daarin belemmerd wordt, zoo hebben na deze tweede geboorte lichaam en ziel beide een natuurlijke behoefte, en dus een natuurlijk recht, om zich uit te rekken en om zich heen te slaan en lawaai te maken. Het gistingsproces is noodig om van den troebelen most klaren wijn te maken en den droesem te doen bezinken.

De leeftijd dezer leerlingen is dus wel de oorzaak van veel moeilijkheden, maar tegelijk plaatst hij de leeraren als opvoeders in een bevoorrechte positie. En dat doet ook het werk. Want dit zal toch wel terstond duidelijk zijn, dat, wanneer opvoeding omgang is, de vakonderwijzer aan de ambachtsschool zich in veel gunstiger positie bevindt dan zijn collega's van de lagere school, niet alleen omdat hij in minder in leeftijd met zijn leerlingen verschilt, maar vooral omdat zijn leervertrek voornamelijk de werkplaats is en deze een heel wat gunstiger gelegenheid

Sluiten