Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

69

JAARTAL 1870

leer der onsterfelijkheid en de Staatsschool (24 Dec.),; De Staat en de Openbare Zedelijkheid (31 Dec); Hooger Onderwijs (21 en 28 January), De Bewaarscholen, enz. — Geen onzer volksvertegenwoordigers, die de hoogste volksbelangen behartigt, zal niet, na aandachtige lezing van dergelijk een bundel, erkennen, dat hij deze opstellen, als gewigtige bijdrage van parlementair onderzoek, waardeert."

31 Maart 1870 verwijst Groen naar een //erauf-artikel, „met de geaccrediteerde letter K."

Dr. Kuyper n.1., die zijn opstellen eerst met zijn naam voluit onderteekende, deed dit al spoedig enkel met de letter K.

In De Heraut van 31 Dec. 1869 nam de heer I. Esser afscheid van de lezers in een artikeltje, dat aldus aanving: „Steeds is door mij gezegd en herhaaldelijk in dit blad vermeld, dat ik er alleen in schreef, omdat meer bevoegden zwegen. Thans echter is door Gods goedheid onze uitnemende broeder Kuyper als medearbeider in de De Heraut opgetreden, en daarmede is voor mij zeer natuurlijk het oogenblik gekomen om afscheid van de lezers te nemen".

En in hetzelfde Herautnummer schreef Ds. L. J. van Rhijn: „Ik betuig mijn dank voor de belangrijke artikelen en meesterlijke overzigten over onze journalistische pers van de hand van Dr. K. Ik hoop zeer, dat zij de aandacht zullen wekken onzer Christelijke landgenooten."

Zie voor Dr. Kuyper's relatie met de toenmalige Heraut: Kuyper, De Strijd over het Vrije Beheer, blz. 138; Gedenkboek 1897, blz. 7; De Heraut, 14 November 1920.

21. De Christelijk-Nationalen op de vergadering van „Schoolverbond". Artikelen, verzameld door Dr. A. Kuyper, Amsterdam, fi. de fioogh & Co. 1870.

Begin September 1869 deelden verschillende bladen een uitnoodiging mede, geteekend door de heeren P. en D. Harting te Utrecht en te Enkhuizen, ter bijwoning van een weldra te houden bijeenkomst, teneinde de grondslagen te leggen voor een schoolverbond. 't Doel daarvan was de bezwaren tegen de schoolplichtigheid, zooveel mogelijk uit den weg te ruimen en intusschen de algemeenheid van het schoolbezoek door alle gepaste middelen te bevorderen. „Daartoe", zoo heette het in de circulaire, „behoort een schoolverbond zich op een geheel onzijdig standpunt te

Sluiten