Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een deel van de winst te bedingen. Wat onderscheidt den antirevolutionair nog van den sociaal-democraat? Want bij goed geslaagde onderhandelingen tusschen den vrijen arbeider en den nog minder gebonden werkgever kan een contract tot stand komen, waarbH « de winst gehjk-op wordt gedeeld. En wat één dan gelukt/zou da met meerderen kunnen gelukken? En waarom zou het niet allen arbeiders tenslotte gelukken ? Zoo zou de netelige kwestie van de ondernemerswinst, voortspruitend

ti eet PT^ ' eigenH,k aIS 6en uitvloeisel van ^cbte contractie verhoud^ worden gezien, die langs den weg van

g^hoTpen °nderhandeIin^en weI uit de wereld zou kunnen worden

De heer Smeenk is naair eigen oordeel maar wat aan het praten geweest; hij zelf noemt de positie van den arbeider zoö geschetst maar theorie. Practisch is de toestand naar zijn oordeel wel anders, doch daarover had hij het nu niet.

nn^°rCh °ndankS f jnL gaVC th60rie' WaarbiJ* de vriJ'e arbeider alles mag ondernemen - als het althans binnen de zedewet blijft - komt df heer Smeenk tot de conclusie, dat medezeggenschap het privaat bezit niet mag aantasten. Wèl mag het een beschikkingsrecht er J^g

kap!^ - °°k da" «* onder het

in"? dTT, ^ »medezes8eas^p" is verklaarbaar niet alleen, maar zelfs toe te juichen. Medezeggenschap! Maar hoe?" •)

HrtiderT I dl ^ °amidA^k ™«> ** men niet de onderneming en het Bedriif L ^ "17 ?™ °P ***** mOCt bouwen, maar vooral vatte! 2 ~ h bed°eld ^ C°mpleX Van ondernemingen - in het oog moet ttCn- Ik Z6g daarmede met' dat * ben tegen elke vertegenwoordiging van de

C. Smeenk: „Medezeggenschap», Ec. Stat. Berichten, a5 Januari i933,

pag- 73-

47

Sluiten