Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

18

Toen heeft Herman Gorter, alweer geïnspireerd door de arbeidersbeweging, zijn sosialistiese „Klein Heldendicht" geschreven. Wilt gij een indruk, hoe deze man de „propaganda" tot de edelste hoogte heeft opgevoerd, leest dan eens dit stuk poëzie over de achturendag:

Wij vragen den achturendag, omdat

het zacht gebabbel van het kleine kind

door ons gehoord moet worden. Wij willen niet

heengaan van de aarde zonder dat gehoord

te hebben, dat zachte beekvalletje

door ons huis heen. Als wij in de andre kamer

zijn, dan spreekt het daar verre stil, zijn ziel

beweegt, gaat open, en klankt open als

een bloem. Zouden wij geen tijd hebben om

dat te hooren? O geeft ons dan den dag

van acht uur, dat er een stuk voor

ons over is om naar ons kind te luistren.

Deze poëzie is slechts door weinigen naar waarde geschat. Zij is zoveel soberder, zoveel eenvoudiger, zoveel minder weelderig dan zijn vroegere natuurpoëzie. Maar wie, die het geluk heeft kinderen te bezitten en ook de natuur te beminnen, zal na zulke regels niet door het Zuivere, kabbelende beekvalletje zijn kind en door zijn ongerepte, argeloos voor zich uit babbelende kind het beekvalletje beter leren aanvoelen? En welk sosialist zou er ongevoelig voor kunnen zijn dat deze en dergelijke schoonheid in de proletariese klassestrijd kan worden gezien?

Leest ook eens de roerend-eenvoudige, aangrijpende beschrijving van de arbeider en de arbeidster in het „Klein Heldendicht", die bij een staking ten slotte tot de kameraden zeggen „dat ze mee zullen doen".

Hoe groot was zijn visie op de arbeidersklasse!

Sluiten