Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

145

4.

Zelfs tegenover hem kon ik, al wilde ik, niets vinden, dat sterk genoeg was om antipathie te rechtvaardigen. Hij was een zonderlinge, eenzame zwerver met vreemde en wellicht verschrikkelijke dingen op zijn geweten. Maar had hij schold?

zelfs — eê

al wilde ik — se mi volns rechtvaardigen — pravigi

antipathie — antipatio

zonderling — stranga

eenzaam — soleca (niet sola)

zwerven — migri

vreeselijke — ternra

dingen — aferoj

geweten — konscienco

wellicht — eble

schuld hebben — esti kulpa

5.

„Je zou niet zeggen", zei hij met een grootsch gebaar, „dat mijn vriend hier een liefhebber van fijne kleeren is en dat hij een groote meneer is in al zijn doen en laten. Kijk eens hier!" Hij haalde uit een van zijn binnenzakken een stapeltje brieven en papieren, zocht er een foto uit en legde die op de buffet-toonbank. '

grootsch — grandioza

gebaar — gesto

hier — ci-jena (hier heeft in deze zin bijvoeglijke beteekenis. Andere voorbeelden : de toren ginds, de brug daar, de preek van gisteren, de ontmoeting van toen).

P. Heilker. Esperanto.

Sluiten