Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN de mannen, die mij van mijn eersten tand af, over de duizend weken en den gevaarlijken leeftijd heen, min of meer het hof hebben gemaakt, is mijn groot" vader, honoris causa, de groote minnaar geweest. Hij was, het moet erkend, in de beste omstandigheden. Een vader kan het zich niet veroorloven, een dochter te verwennen op deze schaal: hij moet rekening houden met haar karakter en de toekomst, terwijl een grootvader, al zooveel dichter bij den nacht, die ons de oogen sluit voor elke ongerechtigheid, er nu en dan wel vast eentje dicht durft te drukken. Den mijnen verdenk ik, dat hij op de oogenblikken, waarop hij mij stilletjes uit de provisiekast verloste, eenvoudig gedacht heeft: après nous le déluge!

Nu, en een man als echtgenoot is vanzelfsprekend aangewezen op een strenger régime, wil hij bij de vlucht onzer emancipatie ook

107

Sluiten