Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET ANDERE LAND

niet meer alleen... arme lieve Rosa, schrei maar niet meer, ik ben bij je, ik zal je helpen... Ik ben niet bang voor dien slechten jongen... Ik ben bij je, ik zal je wel beschermen... ik zal...

Warm en driftig stroomde het bloed door haar roerlooze lijf, in duisternis en stilte leefde zij het andere leven.

Vele malen sloeg dien nacht de oude torenklok op het plein eer zij tot zichzelf terugkwam. Toen voelde zij, dat haar Üjf doodmoe was, haar voeten koud, haar hoofd gloeiend en vervuld van een ijle ruisching, zooals toen zij 's morgens te lang had opgestaard naar de voorbijtrekkende wolken. Helder zag zij ingiet vaag doorlichte duister haar klein slaapkamertje, het witte waschtafeltje, de blinkende knoppen van haar ledikant, de lichte vlekken van de platen aan de wanden... Het leek eigen en toch vreemd; of ze lang was weg geweest.

En toen opeens wist ze: ze was weg geweest, ver en lang... bij andere menschen, waar andere dingen gebeurden, waar ook dingen gebeurden met haarzelf; waar ze praatte en liep en bang en büj was... En toch was 't allemaal in haarzelf geweest...

Een groote blijdschap sprong in haar open, of ze plotseling iets heerlijks had gekregen,

191

Sluiten