Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dus maar dieper het land ingetrokken, hier vandaan! Hij schortte z'n eremietenpij op en ging op weg naar een andere streek*

De rots* waarop hij de zee was overgestoken en die hij z'n „steenen merrie" noemde, volgde hem uit eigen beweging op dien nieuwen uittocht* Ze staken rivieren over, die toen nog geen naam hadden, en drongen duistere wouden binnen, wier boomen 't nog heugde dat ze als goden werden aanbeden* Soms versperde niet te ontwarren kreupelhout hun den doortocht. Dan liet Ronan z'n klokje luiden en de doornranken lieten los en vielen slap neer*

Uit de bosschen kwamen ze op een kale hoogvlakte, enkel met hei en geurige kruiden begroeid, die beheerscht werd door een naakten berg, rond en massaal als de koepel van een ontzaglijken tempel* Ronan plantte er z'n pelgrimsstaf in de aarde, en de stok veranderde terstond in een hardsteenen kruis* Toen begreep hij, dat hier de plek was waar hij blijven moest* De steenen merrie vlijde zich op den grond neer; de Heilige begon te bidden*

't Was het uur tusschen licht en donker, dat in Bretagne een zoo geheel eigen innigheid en verteedering heeft* Aan den voet van den menéz (berg) strekten de velden zich zoo vredig naar het westen uit* Uit onzichtbare daken* onder het gebladerte verborgen, wademden kalme rookpluimen de lucht in. In de verte doofde de glans van de zee langzaam uit; de naschijn der Zon stierf weg in haar water* grijs als asch.

Ronan bracht in de stilte van dezen schamelen

x8

Sluiten