Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die hem doorklaarden en doorwarmden. Een wellust werd het hem voort te gaan door den sterreelenden sneeuwval met den zang van zijn levensleed, die toch louter geluk was...... De schoonste

in Armor ooit gezongen. De laatste, maar ook de heerlijkste opleving van Armors ziel, in hém, costik ann od...... Waarom dan niemand, die het

mocht hooren, niemand die verheven in de ééne vervoering met hem, de armen uitbreidend hem kon toejubelen: „Grootste van Armors barden, laatste maar heerlijkste"......

Niet meer murmelde hij de woorden, maar hij Zong ze; met schorre gebroken stem zong hij ze tusschen de neerritselende sneeuwvlokken, amechtig, terwijl hij traag en trekkend voortklom den heuvelweg op. Volgende strofen vloeiden uit de eerste strofen, één milde stroom, wiens bron aldoor rijker welde en welde......

Nu was hij blijven stilstaan, daar hij begon te hooren dat een diep gonzen zijn zang begeleidde en droeg. De zee ? Waarom nog twijfelen? Dit was immers het welgekende, het beminde zoemend murmelen van haar wijkenden vloed. Was ze zóó nabij, de zee? Lag ze daar aan zijn voeten? Zijn oogen trachtten door het duister te boren. Maar ze zagen alleen den witten schemer der dansende sneeuwvlokken.

„De zee," prevelde hij, en een nieuwe strofe van zijn levenslied volzong zich. „Achter hem het verloren leven, vóór hem de eeuwige zee. En zong zij haar lied, hij zong het zijne. Haar zang doordrong hem, Zoo zou zijn zang haar doordringen. Zingend zou zijn leven in het hare, haar leven in

81

Sluiten