Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de binious en fluiten, alle kerkklokken, alk altaarschellen der pardons, de zee zelf.

Maar Yann heft de handen ten hemel en roept, dat het heel Armor en de zee overschalt:

Credo!

En neerzinkend voelt hij zich kleiner worden,

veer licht en steeds kleiner nog eens een

kindeke? nog eens het schamele wicht zonder vader of moeder, zonder naam?

Eene draagt hem weg in haar ijl-blauwe sluiers, zwevend over Armors eilanden en kusten, over den Gouden Gordel, over de bosschen der Zwarte Bergen.

Vlammen de tantajo's Sterren sparkelen uit gouden vuren, een dans van sterren

Maria zelve droeg Yanns ziel het Paradijs binnen, dat gelijkt op Armor in eeuwige lente.

Zijn lichaam lag tusschen de rotsen, in het kustravijn van Rumengol en den Menez Hom. De zee nam het mee. Over zijn graf van wisselende rozenroode en violenblaüwe glansen, zingen Armors torenklokken eeuwig den weergalm van zijn Credo»

100

Sluiten